Examen meerkeuzevragen

Door: Maltha studiecoaching op 8 mrt 2014

Wanneer de tijd is aangebroken om examens te gaan maken, is het verstandig om uit te zoeken in welke vorm de vragen zullen worden gesteld: gaat het om open vragen, of meerkeuzevragen? Veel leerlingen vinden het vooruitzicht van meerkeuzevragen fijn: je hoeft immers niet de stof te reproduceren in lange antwoorden! Maar vergis je niet, meerkeuzevragen zijn vaak lastiger dan je denkt. Je moet hier even hard voor leren als voor examens met open vragen! Hoe bereid je zo’n examen voor en waar moet je op letten tijdens het invullen?

Veelvoorkomende fouten op je examen

Wanneer je een examen met meerkeuzevragen voor je neus hebt liggen, let er dan op dat je de volgende zaken voorkomt: Slordig lezen, te lang twijfelen over het juiste antwoord, te snel antwoorden of uit onzekerheid antwoorden wijzigen. Daarnaast is het af te raden om te denken in antwoord categorieën: ‘ Ik heb nu 2 keer A geantwoord, dus de volgende vraag zal wel geen A zijn’.

Tips voor het aanpakken van meerkeuzevragen

Hoe kan je je nu het beste voorbereiden op meerkeuzevragen? Ten eerste is het (evenals bij andere examens) van belang dat je uitgerust bent en je op je gemak voelt. Ook is het belangrijk, dat je weet wat er van je verwacht wordt (bijvoorbeeld door het maken van oefententamens). Het klinkt misschien logisch, maar zorg er tevens voor dat je de te leren stof ter beschikking hebt. Zijn alle boeken, stencils, werkboeken compleet? Daarnaast is het verstandig rekening te houden met het feit dat details en feiten juist getoetst worden bij meerkeuzevragen. Leer deze dus goed! 

Hoe ga je om met meerkeuzevragen tijdens het examen

1. Het is belangrijk dat je de vraag heel goed leest en hierbij eerst voor jezelf bedenkt  wat het juiste antwoord moet zijn (zonder naar de antwoordmogelijkheden te kijken!). Wanneer je antwoorden op vragen niet meteen weet, ga je door met de makkelijke vragen. Kortom, deze vul je als eerste in. Je slaat over wat je niet weet. Wanneer je dat hebt gedaan, kan je de wat moeilijkere vragen gaan bekijken. Maak ten slotte de vragen die je het moeilijkst vindt. Zo voorkom je dat je te lang blijft nadenken over vragen die je wellicht fout zult beantwoorden, en daardoor tijd verliest voor de makkelijke vragen!

2. Meestal is er 1 antwoord dat je meteen kan wegstrepen. Wanneer je goed gaat lezen, merk je vaak dat een ander antwoord ook onjuist is. Je hebt dan nog 2 antwoorden over: het is dan zaak om te bepalen welke van de 2 het ‘beste’ is. Lees de vraag en de antwoorden nog een keer goed en ga ervan uit dat je eerste indruk meestal klopt. Het is daarom niet handig om je antwoord bij het nalezen nog een keer te veranderen! Je doet dit alleen wanneer je tot nieuwe inzichten bent gekomen, of zeker weet dat je de vraag in eerste instantie verkeerd hebt beantwoord.

3. Vragen met ontkenningen zijn soms lastig en kunnen voor verwarring zorgen. Zorg voor duidelijkheid door de vraag te herformuleren.

4. Het is goed om te weten dat je niet álle vragen goed hoeft te beantwoorden om te slagen voor het examen. Laat je dus niet leiden door onzekerheid, maar hou je vast aan de vragen waarvan je weet dat je deze goed hebt. Zo nu en dan gokken kan je niet voorkomen, probeer positief te blijven!

Houdt dus je hoofd koel, bereid je adequaat voor en wees slim in de volgorde waarin je de vragen beantwoordt!

Heb jij positieve of juist negatieve ervaringen met meerkeuzevragen, of wil je meer informatie over dit onderwerp? Praat erover mee!

Lees ook eens de volgende artikelen:


Examenmeerkeuzevragenmiddelbareschooltipsonderwijs



* = verplicht